+

Korting van pensioenen is niet de schuld van pensioenfondsen

De Nederlandse Bank geeft de schuld van de komende gedwongen kortingen op de pensioenen aan de pensioenfondsen. Deze zouden onverantwoorde risico’s hebben genomen met hun beleggingen en daardoor niet meer voldoen aan de vereiste dekkingsgraad.

Voor de meeste mensen is dat alles een zeer gecompliceerd verhaal en begrijpt het merendeel eigenlijk niet hoe het werkt met die dekkingsgraden. De uitleg en toelichtingen worden dan ook vaak geschreven in een taal die alleen wordt begrepen door mensen die daar jaren voor hebben gestudeerd.

We gaan een poging doen om het zo eenvoudig mogelijk te houden. Een pensioenfonds heeft te maken met verplichtingen in de toekomst. Als het nu alleen maar deelnemers heeft van 30 jaar, hoeft het op dit moment geen pensioen te betalen, maar wel over een kleine 40 jaar.

En dan moet het voldoende geld hebben om die pensioenen ook daadwerkelijk te kunnen betalen. En om dat uit te kunnen rekenen wordt er door de Nederlandse Bank een rente vastgesteld waarmee pensioenfondsen hun verplichtingen in de toekomst kunnen omrekenen naar een huidige dekkingsgraad, gebaseerd op het vermogen dat ze nu hebben.

Wanneer het nu 100 Euro heeft en je rekent met 4 procent rente, dan zal het over 40 jaar meer geld in kas hebben, dan wanneer je rekent met 2 procent rente. Dus, hoe hoger de rente of de rendementsfactor waar je mee rekent, hoe hoger de dekkingsgraad.

Dus, een pensioenfonds kan een geweldig jaar achter de rug hebben waar het een rendement haalde van 7 procent op haar beleggingen, maar toch haar dekkingsgraad achteruit zien gaan door de verplichte berekening van de Nederlandse Bank. Hetgeen dan betekent, dat volgens de wet ondanks dat resultaat van 7 procent er toch volgend jaar pensioenen moeten worden gekort.

De pensioenfondsen hebben de afgelopen 20 jaar fantastisch gedraaid. Volgens de econoom Ad Broere:

Over de afgelopen 20 jaar – 1995-2015 – behaalden we een gemiddeld rendement van ongeveer 7% op jaarbasis.

En toch wordt er in de media gesproken van noodlijdende fondsen en dat die dat volgens de Nederlandse Bank aan zichzelf hebben te wijten.

Zo staat er in de Telegraaf:

Pensioenfondsen die hun dekkingsgraden de afgelopen maanden zagen verslechteren richting 90%, hebben dat in belangrijke mate aan zichzelf te danken. Zoveel wordt duidelijk uit de meirapportage van toezichthouder DNB die vrijdag naar de Kamer is gestuurd.

De fondsen in onderdekking, waaronder de grootste vier van ons land, wijzen graag naar de ’kunstmatig’ lage rente als boosdoener voor hun slechte prestaties.
Maar in een analyse van de herstelplannen van 183 noodlijdende fondsen komt toezichthouder DNB tot een andere conclusie. De fondsen die nu nog verder in de problemen zitten dan een jaar geleden hebben meer risico genomen dan nodig was.

Hoewel DNB geen namen noemt van specifieke fondsen is duidelijk dat ambtenarenfonds ABP en zorgfonds PfZW behoren tot de fondsen die het meeste risico namen. Zij gokten, naar nu blijkt ten onrechte, op een stijging van de rente en hoge rendementen op aandelen.

In werkelijkheid gaat het heel goed met de pensioenfondsen, ook met diegenen die door de Telegraaf worden bestempeld als noodlijdend.
Het volgende is wat de directeur van zorgfonds PfZW, Peter Borgdorff zegt:

“Sinds de crisis in 2008 hebben we bij PFZW het pensioenvermogen van alle gepensioneerden en werknemers in de sector zorg en welzijn ruim meer dan verdubbeld. Deels door de premies die zijn betaald door u en uw werkgever, maar vooral door goede beleggingsrendementen. Het vermogen steeg sinds eind 2008 van 71 miljard naar bijna 164 miljard euro eind 2015. En toch staan we er beroerder voor dan ooit. Dan is er iets mis met het systeem”.

En dat alles komt door de rekenrente zoals die wordt gedicteerd door de DNB. Vorig jaar hebben ze die plotseling weer naar beneden bijgesteld, waardoor er dan ineens een tekort ontstaat bij de pensioenfondsen.

Zo zegt het Forbo pensioenfonds:

DNB paste de rente aan waarmee fondsen hun verplichtingen berekenen over de lange termijn. Deze zogeheten UFR-rekenrente ging in de zomer omlaag van 4,2% naar 3,3%. Doordat pensioenfondsen verplicht werden te rekenen met een lagere rente, daalde de dekkingsgraad.

Door die rekenrente van de DNB worden pensioenfondsen als het ware gedwongen om meer risico’s te nemen omdat ze de hete adem van Klaas Knot in hun nek voelen. Ze worden nerveus omdat ze door de rekenmethodes hun dekkingsgraad zien dalen.

En dat, terwijl er geen enkel probleem is met de pensioenfondsen. Dat, terwijl ze gemiddeld een fantastisch resultaat hebben behaald voor hun deelnemers. Dat, terwijl er geen enkele aanleiding is om de oudjes van nu wederom te korten. Ja, die aanleiding heet Klaas Knot, de man die de pensioenfondsen de schuld geeft.

Het systeem moet op de schop en wel heel snel, want ieder dat dit langer duurt, zijn er meer oudjes onnodig de klos.

En de oplossing is zo eenvoudig. We gaan nog even terug naar Broere.

Ook lijkt het mij logisch om van het werkelijk beschikbare kapitaal uit te gaan en niet van wat er theoretisch in de pot zit. Dat maakt het een stuk eenvoudiger en ook transparanter. Er worden geen toezeggingen meer gedaan, de pensioengerechtigde weet op basis van de jaaropgave van het pensioenfonds in welke richting het gaat en kan op afgesproken tijdstippen tijdens de opbouwperiode zelf beslissen of wijzigingen moeten worden aangebracht in bijvoorbeeld de hoogte van de premies en de beleggingskeuzes. Als je de pensioengerechtigde leeftijd bent gepasseerd, dan moet het voor jou beschikbare kapitaal uit de beleggings’pot’ worden gehaald en moet het aan jou worden overgelaten wat je wilt dat er verder nog mee wordt gedaan.

forum Discussieer verder over dit onderwerp op ons forum!

plus500